Ga naarhoofdnavigatie, zoekvak of decontent

Waarom bedrijven steeds rijker worden maar hun medewerkers niet

"De economische macht van grote bedrijven neemt toe"

04-08-2017 |

Dawn-289x193Het is wereldwijd een trend: de lonen van werknemers willen maar niet omhoog, zelfs niet als de winst van bedrijven toeneemt. “Dat leidt tot een tweedeling in de samenleving, niet alleen in ontwikkelingslanden maar ook hier. Duurzame beleggers kunnen helpen om het tij te keren.” Dat zegt Albert van Zadelhoff, directeur Triodos Bank Private Banking.

Wat is er aan de hand?

“De afgelopen tien, vijftien jaar zien we in de economie een opvallende ontwikkeling. Van het geld dat door bedrijven wordt verdiend, blijft een steeds groter deel bij die bedrijven hangen als winst. Tegelijkertijd blijft een kleiner gedeelte over als loon voor werknemers en zelfstandigen. Uit cijfers van het CBS blijkt dat van elke euro die in 2016 door bedrijven in Nederland werd verdiend, 27 cent naar die bedrijven ging als winst. De overige 73 cent was inkomen voor werknemers en zelfstandigen. In 2013 was de verhouding nog 22 om 78 cent. Economen drukken de verhouding tussen inkomen en winst uit de zogenaamde inkomensquote. Die quote daalt dus. Dat zien we niet alleen in Nederland, het is wereldwijd al anderhalf decennium een trend.”

Hoe komt dat?

“De economische macht van grote bedrijven neemt toe. Grote bedrijven worden ook steeds groter, zeker in vergelijking met de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw. Er is tegenwoordig een handjevol mondiale en toonaangevende bedrijven – denk aan Google en Facebook – dat een steeds groter deel van het wereldwijde BNP verdient. Voor anderen blijft daardoor simpelweg een kleiner deel van de economische koek over. In die zin is er sprake van een oligopolisering van de economie. Ook neemt wereldwijd de invloed van vakbonden af. Die kunnen dus minder effectief opkomen voor het belang van werknemers. Tot slot is de opkomst van kleine ondernemers en zzp’ers van invloed. Die geeft een versnippering van de economische machtspositie, ook als het gaat om invloed op het macro-economisch beleid van overheden.”

Meer winst voor bedrijven betekent ook meer winst voor beleggers. Waarom is de ontwikkeling dan toch een probleem?

“Het veroorzaakt een maatschappelijke tweedeling tussen mensen die ‘binnen’ zijn en hen die ‘buiten’ staan. Heel grof gezegd kun je stellen dat wie kapitaal en economische macht heeft, steeds meer kapitaal en economische macht krijgt. En anderzijds dat degenen die maar beperkte middelen hebben, steeds moeilijker de aansluiting kunnen maken. De Franse econoom Thomas Piketty wees daar een paar jaar terug ook al op in zijn geruchtmakende boek Kapitaal in de 21ste eeuw. Hij stelt dat er wereldwijd sprake is van een opeenhoping van kapitaal.”

Wat is het effect daarvan?

“Het leidt ertoe dat de toegang tot bijvoorbeeld goed onderwijs en hoogwaardige gezondheidszorg in toenemende mate alleen nog is weggelegd voor degenen die voldoende middelen hebben. Je ziet dat in eerste instantie in ontwikkelingslanden, waar een hele grote groep in allerlei opzichten buiten de boot valt. Maar je ziet het ook in landen als de VS, Groot-Brittannië en Frankrijk: goede scholen bijvoorbeeld zijn daar steeds vaker particuliere scholen. Die zijn duur, en dus alleen bereikbaar voor de happy few. Iets vergelijkbaars geldt voor huisvesting. Wonen in de centra van grote steden is vaak gewoon onbetaalbaar voor mensen die het alleen moeten hebben van een modaal inkomen. Dat geldt voor ‘hot spots’ als New York, Singapore en Londen. Maar ook voor Amsterdam, dat inmiddels al op de 17e plek staat van duurste steden ter wereld.”

Wat betekent deze maatschappelijke en economische ontwikkeling voor duurzame beleggers?

“Je zult als duurzame belegger extra kritisch moeten kijken naar waar je winst vandaan komt. Gaat die niet ten koste van bijvoorbeeld een fatsoenlijke betaling aan de werknemers van de bedrijven waarin je belegt? Dat is zeker van belang voor wie belegt in sectoren die actief zijn in ontwikkelingslanden, zoals de textielsector. Hebben textielbedrijven een streng beleid als het gaat om de betaling van leefbaar loon door hun toeleveranciers? Als aandeelhouder heb je – al dan niet via een beleggingsfonds – invloed op het beleid van bedrijven. Het is belangrijk om die invloed ook te gebruiken. De beleggingsfondsen van Triodos Bank doen dat via de Algemene Vergadering van Aandeelhouders, maar vooral doordat ze een betrokken en kritische dialoog voeren met de bedrijven waarin ze beleggen. Verder kunnen duurzame beleggers er voor kiezen om júist actief te zijn in bedrijven die bijvoorbeeld goed onderwijs of menswaardige ouderenzorg aanbieden maar dan op een betaalbare en breed toegankelijke manier. Dat soort instellingen draagt bij aan een samenleving met levenskwaliteit.”

Tekst: Tobias Reijngoud

 

Meer van De visie van Albert van Zadelhoff:

De visie van Albert van Zadelhoff

Wat betekent dit voor uw beleggingsportefeuille?

5 vragen over duurzaam beleggen in de kledingindustrie

"Kunnen grote modebedrijven de sector veranderen?"

4 vragen over isolationisme

en het effect op duurzaam beleggen.

Actuele rendementen

De waarde van de modelportefeuille aandelen daalde in augustus met 2,0%.

Beleggingsklimaat juli 2017

Ondanks de stijging van de aandelenkoersen in de opkomende markten daalden de aandelenmarkten opnieuw deze maand.