Ga naarhoofdnavigatie, zoekvak of decontent

5 vragen over duurzaam beleggen in de kledingindustrie

"Kunnen grote modebedrijven de sector veranderen?"

09-06-2017 |

De kledingindustrie is op de olie-industrie na de meest milieuvervuilende sector. Bovendien zijn de arbeidsomstandigheden vaak dramatisch. “Juist daarom is het belangrijk dat duurzame beleggers in deze sector actief zijn”, zegt Albert van Zadelhoff, directeur Triodos Bank Private Banking.

HM_289De kledingsector kan de sleutel zijn tot positieve verandering in de samenleving, vertelt Van Zadelhoff. “Het is een grote industrie die wijd vertakt is, vooral in landen als India en Bangladesh. De kleding die in Nederland in de winkel ligt, wordt voor een belangrijk deel gemaakt in kleine naaiateliers in arme landen. Die ateliers bieden werk aan miljoenen mensen. Heel vaak aan vrouwen. Zij hebben door hun werk een inkomen en kunnen zo investeren in hun eigen toekomst en in die van hun kinderen.”

Maar er is in de sector toch ook sprake van uitbuiting en kinderarbeid? Bovendien is de betaling vaak slecht.

“Dat klopt. Er spelen enorme problemen op het gebied van arbeidsomstandigheden. Bovendien is de milieu-impact van de kledingsector groot. Er worden veel chemicaliën gebruikt, en ook het waterverbruik is extreem, onder meer in de katoenteelt. Voor de productie van één spijkerbroek is maar liefst 8.000 liter water nodig. Dus de sector moet de komende jaren grote slagen maken richting duurzaamheid, verantwoorde arbeidsomstandigheden en de betaling van leefbaar loon. Maar juist daarom is het van belang dat duurzame beleggers actief zijn in de sector en in grote internationale modebedrijven beleggen die het goede voorbeeld geven.”

Welke bedrijven geven het goede voorbeeld?

“Denk aan H&M dat een scherp beleid heeft op het gebied van arbeidsomstandigheden, en op dat vlak hoge eisen stelt aan toeleveranciers. Ook ZARA heeft serieus aandacht voor meer verantwoorde productie. Maar denk ook aan Adidas dat sterk inzet op het verminderen van de milieu-impact van de producten. Grote kledingconcerns hebben veel invloed en zijn in staat om de sector te veranderen. Dat gaat echter niet snel. De kledingindustrie is sterk concurrerend. Dat kan leiden tot druk op de kostprijs van producten, en uiteindelijk ook tot milieuvervuiling en slechte betaling aan werknemers. Bovendien zie je dat winkelketens soms maandelijks een nieuwe collectie in de schappen hebben liggen. Voor je het weet draagt dat bij aan verspilling en stimuleert het klanten om steeds maar weer nieuwe spullen te kopen. De sector moet al met al echt nog grote stappen zetten.”

Een duurzame belegger zou daarom ook kunnen zeggen: er is zoveel mis in de sector, ik begin er niet aan.

“Maar daarmee zijn de vraagstukken in de sector niet verdwenen. De kledingsector is groot en belangrijk en raakt ons allemaal. We dragen immers allemaal kleding, het is een deel van onze persoonlijke identiteit. Het belang van kleding en van de kledingindustrie kun je niet wegpoetsen. Daarom is het essentieel om te beleggen in duurzame koplopers: internationale bedrijven die in staat zijn om op grote schaal verandering te realiseren.”

Zijn er aanwijzingen dat die positieve verandering sector-breed plaatsvindt?

“Die zijn er. Een jaar geleden ondertekenden 55 Nederlandse modebedrijven en andere betrokken partijen het convenant Duurzame Kleding & Textiel. Daarin spreken ze onder meer af om gezamenlijk kinderarbeid en gedwongen arbeid te bestrijden. Verder zetten de ondertekenaars zich in voor de betaling van leefbaar loon en voor het beperken van het gebruik van water en chemicaliën. In de VS is nog niet zo lang geleden een vergelijkbaar convenant opgesteld. Concrete aanleiding voor dit soort overeenkomsten is het instorten van de kledingfabriek Rana Plaza in Bangladesh in 2013. Bij dat verschrikkelijke drama kwamen 1.137 mensen om het leven.”

Wat zijn de dilemma’s waar de kledingindustrie mee kampt bij de omslag naar verantwoorde productie?

“De industrie is erg uitgebreid en wereldomspannend. Het is echt een wirwar van kleine en grote bedrijven, van aannemers en onderaannemers. Voor grote modeketens is het daarom soms lastig om grip te hebben op hun hele productieketen en op alle spelers die daarbij betrokken zijn. Je moet zorgen dat je nauwe contacten hebt in de keten, dat je intensieve gesprekken voert met toeleveranciers, en dat je ze daadwerkelijk streng controleert. Dat kan, maar het vraagt tijd en aandacht. Iets vergelijkbaars geldt overigens ook voor de duurzame belegger in de sector: ook die moet in gesprek met bedrijven om te zien of ze doen wat ze beloven op het gebied van duurzaamheid. Triodos Bank doet dat ook: we hebben een actieve engagementstrategie en voeren een intensieve dialoog met bedrijven.”

Auteur: Tobias Reijngoud

 

Meer van De visie van Albert van Zadelhoff:

De visie van Albert van Zadelhoff

Wat betekent de lage olieprijs voor uw beleggingsportefeuille?

4 vragen over isolationisme

en het effect op duurzaam beleggen.

Beleggingsklimaat mei 2017

De economische data en bedrijfsberichten ontwikkelen zich positief en passen daarmee in het positieve beleggerssentiment.

Actuele rendementen

De waarde van de modelportefeuille aandelen daalde in mei met 0,3%.